Visie en missie

 

Visie op:
                  de huisarts en sterven
  

Terugblik
Als arts werd ik opgeleid tot het beroep van de genezer. Ik leerde om ziekten te herkennen en om ziekten te bestrijden, mensen te genezen. Ik leerde over zwangerschap en bevalling; maar ik leerde niets over de dood. In mijn eerste echte baan als arts (1977) was er een oudere man met een niercarcinoom, de internist sprak over een ontsteking, hij kreeg daarvoor een “behandeling”. Op ’n keer vroeg deze man mij, in een bijna intiem onderonsje, om de waarheid te vertellen. Eigenlijk vroeg hij om een bevestiging van zijn eigen beleving, die van de naderende dood. Toen begon mijn verwondering over het gebrek aan aandacht onder artsen en verpleegkundigen voor het sterven en de dood.

Leven met naderend sterven
Het is opmerkelijk wat zich afspeelt in de terminale levensfase, bij een zieke in de periode voorafgaande aan het sterven. Niet alleen bij diegene die zal sterven, maar ook bij de naasten; partner, familie, vrienden, buren etc. Levensprocessen raken soms in een versnelling. Gebroken gezinnen kunnen zich herenigen, sluimerende conflicten kunnen exploderen. Het leven wordt diep geleefd en biedt kansen tot ontwikkelingsprocessen. Vergeving en heling kan plaats vinden, door aanvaarding van het loslaten kan ruimte komen voor iets nieuws, iets onverwachts, transformatie kan plaatsvinden. Het sterfbed lijkt juist levenskracht te kunnen bieden, dit in verbinding met de pijn en het verdriet, de worsteling met dit alles. 

Hulp soms nodig
Hier ligt voor de hulpverlener een professionele uitdaging, om vanuit kennis van en ervaring met deze processen een bijdrage te leveren aan een grotere kans op een goede dood. Daarbij aangetekend dat de definitie van een goede dood bepaald wordt door "goed" in de zin van “kloppend”, passende bij deze persson, karakter en leefstijl. Sommigen kunnen het aanzien van pijn en leed slecht bevatten, kunnen dit als gruwelijk en wreed ervaren. Mijn ervaring heeft geleerd dat mensen ongekende leermogelijkheden hebben. Bestaande angsten kunnen overwonnen worden, onbekende vaardigheden kunnen geleerd worden. Het is van belang er alles aan te doen om te voorkomen dat het sterfbed een traumatische ervaring wordt. Desondanks is dat niet altijd te voorkomen, dan is het bieden van nazorg bij de rouwverwerking van groot belang. Ook voor mensen zonder angst, met een natuurlijk aanvoelen van de stappen in het stervensproces kan hulp nodig zijn bij dit proces.

Kea Fogelberg
6 maart 2008
 

Missie van Buro Fogelberg:

Uitgangspunten
Palliatieve terminale zorg (PTZ) vormt een onderdeel van de werkzaamheden van iedere beroepsbeoefenaar binnen de gezondheidszorg. Het is goed dat in Nederland de PTZ niet als een specialisme wordt beschouwd (itt de Angelsaksische landen). Voor huisartsen, (wijk)verpleegkundigen en verzorgenden thuis en in de verzorgingshuizen betreft het de zorg voor een zieke in de laatste levensfase.
Palliatieve terminale zorg is vaak complex, met een grote variatie aan mogelijke manieren van aanpak, er bestaan geen protocollen (wel richtlijnen), het vergt een flexibele werkhouding.
De meeste huisartsen en (wijk)verpleegkundigen krijgen niet voldoende onderwijs en praktijkervaring om de kennis van alle aspecten van de PTZ te kunnen beheersen.

De aard van medische hulp aan en de zorg in de palliatieve terminale fase onderscheidt zich van zorg en hulp in andere levensfasen. Dit vereist een specifieke kennis en kunde en ook de daarbij behorende attitude. Tijdens de reguliere beroepsopleidingen wordt verhoudingsgewijs weinig aandacht hieraan gegeven, onderwijs over de natuurlijke processen rondom het levenseinde wordt nauwelijks gegeven. In de praktijk wordt iedere arts, verpleegkundige en verzorgende met het sterven en de dood geconfronteerd. Men leert dus het meeste vanuit de eigen ervaringen.

Doel
Buro Fogelberg wil een bijdrage leveren aan verbetering van de kwaliteit van de palliatieve terminale zorg bij het sterfbed thuis, in huiselijke sfeer. Door overdracht van kennis en het aanleren van vaardigheden en bieden van ondersteuning bij het leren van de eigen praktijk voor huisartsen, (wijk)verpleegkundigen en verzorgenden. De bedoeling is dat een ieder zijn eigen werkzaamheden mbt PTZ op excellente wijze kan uitvoeren, tot het einde toe.

Ondersteuning is nodig
Bij het zoeken naar een antwoord op hele praktische vragen kan hulp nodig zijn, ook bij complexe besluitvormingsprocessen. Directe ondersteuning op de werkvloer voor huisarts, verpleegkundige of verzorgende is soms noodzakelijk (bv bij het uitvoeren van de 1e ascitespunctie). Een "spiegel" kan nodig zijn bij reflectie op de ervaringen. Samen sta je sterk(er).

Uiteindelijk
wil Buro Fogelberg de opgedane ervaringen (uit de praktijk) omzetten in onderwijsprogramma’s en bijdragen aan het ontwikkelen van beleid. Een goede samenwerking met andere instellingen op dit gebeid is daartoe nodig. Dit opdat dit specifieke onderdeel van de gezondheidszorg geïntegreerd zal worden in de algemene gezondheidszorg. Zodat care en cure voor mensen met een ziekte in de toekomst evenredige aandacht zullen krijgen.

Kea Fogelberg
6 maart 2008

 

KeaFogelberg

 

 

 

Weipoortseweg 77
2381 NH Zoeterwoude
t 071 5803182
f 071 5804446
m 06 24509094
info@keafogelberg.nl